Sociale dienst

Dorp 1 B
8690 Alveringem

058 28 08 28
058 28 08 24
e-mail

Openingsuren
MA
09.00 tot 12.00 uur
13.30 tot 16.00 uur
DI
09.00 tot 12.00 uur
namiddag op afspraak
WO
09.00 tot 12.00 uur
namiddag op afspraak
DO
09.00 tot 12.00 uur
13.30 tot 16.00 uur
VR
09.00 tot 12.00 uur

Leefloon

U heeft recht op een leefloon als uw inkomen onvoldoende is en als u niet in staat bent die toestand te veranderen. Als uw inkomen lager is dan het leefloon, kunt u vragen om het verschil bij te passen zodat uw inkomen op dezelfde hoogte komt als het leefloon.

Om recht te hebben op het leefloon moet u aan volgende voorwaarden voldoen:

  1. uw werkelijke verblijfplaats is in België;
  2. u heeft de Belgische nationaliteit;
  3. u bent meerderjarig (= 18 jaar of ouder) of u bent door huwelijk meerderjarig verklaard, u heeft kind(eren) ten laste of u bent in verwachting;
  4. u beschikt niet over voldoende inkomsten, u kan er geen aanspraak op maken en u bent niet in staat ze te verwerven door persoonlijke inspanningen of andere middelen;
  5. u bent bereid om te werken, tenzij dat niet kan om redenen van gezondheid of billijkheid,
  6. u heeft eerst uw recht op andere mogelijke sociale uitkeringen gebruikt. Voorbeelden: uw recht op werkloosheidsuitkering, pensioen, studietoelage ... U moet het leefloon beschouwen als een laatste toevlucht.

Procedure

U vraagt het leefloon aan bij de sociale dienst van het OCMW (Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn) van uw gemeente. Hiervoor moet u alle nodige informatie geven: identiteitskaart, bewijzen van uw bestaansmiddelen, waaronder bewijzen van actuele inkomsten van alle gezinsleden en een overzicht van uw spaargelden en van de mensen waarmee u samenwoont, bezittingen, samenstelling van het gezin,  ...

Na onderzoek krijgt u het leefloon van het OCMW al dan niet toegekend.

Bedrag

Het bedrag waarop u recht heeft, wordt bepaald op basis van uw familiale toestand. Er bestaan drie categorieën:

  1. Samenwonende: wanneer u met iemand samenwoont met wie u de uitgaven voor het huishouden (huur, energie, enz.) deelt, wordt u beschouwd als “samenwonende”.  Dat moet niet noodzakelijk met uw partner zijn
  2. Alleenstaande: wanneer u alleen woont, wordt u beschouwd als een “alleenstaande”.
  3. Samenwonend met gezinslast: wanneer u minstens één minderjarig kind ten laste heeft, wordt u beschouwd als “met gezinslast”.

Het bedrag hangt af van de categorie waartoe u behoort.

Regelgeving

Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie.